zaterdag 3 juli 2010

Erge Vakantieverhalen - deel 6 La grande Finale

Wat was cliffhanger 5 ook alweer?

O.
Ho. Stop.
Ik vergeet wat.
Eerst even een mededeling van huishoudelijke aard: als u nu pas inhaakt, raad ik u stellig aan de voorafgaande delen eerst te lezen. Ze staan hieronder, netjes op een rij. Waarom u hier nu pas gaat lezen, snap ik ook niet, maar u zult er wel goede redenen voor hebben. Daar gaan we voor het gemak maar vanuit.

Cliffhanger 5: geldzorgen.
We hadden dus een flink deel van ons resterende vakantiebudget moeten weggeven aan een trage taxichauffeuse, waren dolblij onze oude, vertrouwde, gammele stinkcaravane te zien, dronken nog een laatste glaasje kalmerende wijn en maakten ons meteen weer nieuwe zorgen. Geldzorgen.
We schraapten alle centimes, halve centimes en francen bij elkaar,vonden het gelukkig nog enigszins meevallen en calculeerden flink. Als we zuinig deden, dus geen uitstapjes meer, maar de lust daartoe was ons toch al vergaan, konden we het net uitzingen. Druiven plukken hoefde dus niet, een baan als au pair had best leuk geweest en ook wel heel goed voor mijn Frans, maar niet goed voor onze relatie en Grote Pol is in wezen al clochard genoeg en had niet de behoefte om dit talent verder te ontwikkelen.
We werden dus écht gierige Hollanders, die nog net geen goedkope ezelkaas kochten, maar wel overleefden op stokbrood met meegenomen Hollandse pindakaas en gesmolten hagelslag en af en toe wat fromage, zelfgebrouwen brandnetelsoep, bramen, water uit de kraan en.... de liefde. L'amour.
Dat was genoeg. Genoeg om een heerlijke vakantie samen te hebben.

En toen was het tijd om weer naar huis te gaan. We pakten onze tassen in, poogden nog een geanimeerd gesprekje met haar de veuve te voeren, zwaaiden haar toen maar vriendelijk bonjour, zeulden onze tassen en onszelf weer naar de bushalte, waar de bus keurig op tijd arriveerde en liepen nog een tijdje rond in het stadje van het treinstation waar de train van grote snelheid vroeg in de avond zou vertrekken. Omdat we zo keurig zuinig waren geweest, hadden we zelfs nog wat geld over en ook nog een kascheque waarmee we geld zouden kunnen opnemen. We voelden ons dus weer rijk en liepen nog even ontspannen winkel in, winkel uit. De zeultassen hadden we in een kluis gepropt. In een van de winkels zagen we een poster die we moesten en zouden hebben. Vonden we. We zeiden nog: moet dat echt? En ja, het moest echt.
We hadden nog net genoeg francen om 'm te betalen. De verkoopster rolde 'm op, deed er een elastiekje om en wij huppelden naar de bank om onze laatste kascheque te verzilveren. Zodat we nog wat konden eten en wat mondvoorraad voor onderweg konden kopen.
Maar de bank was dicht. Of, nee, niet dicht, maar geld opnemen was absolument impossible. Absolument. We moesten maar naar een autre banque. Maar ook daar was het absolument impossible wat we wilden. Pourquoi? Je ne sais het nog steeds niet.
Toen hadden we echt geen ene sou meer en moesten we nog zo'n achthonderd kilometer in het zachte Frankrijk overleven...
Dus aten we het laatste restje uitgedroogd stokbrood, dronken nog wat water uit de kraan met misschien wel allemaal enge bacteriën erin en stapten op de train van grote snelheid. Met tassen en kwetsbare poster, niets vergeten? Niets vergeten.
In Paris wisten we weer op tijd, rustig en elegant over te stappen in de train van de nacht, dit keer met couchettes. Ik snap ook niet waarom ons dat overstappen nu ook weer zo soepeltjes lukte.
Maar toen.
Toen lagen er al andere mensen in onze couchettes, die er overigens donker, vies, benauwd en errug klein uitzagen. Die couchettes, bedoel ik, niet die mensen. Wat nu? Het waren ónze couchettes, dat lazen we tenminste duidelijk op onze kaartjes van de train van de nacht. Maar dat lazen zij ook duidelijk op hun kaartjes. We keken nog eens goed, eerst naar onze eigen kaartjes, toen naar de kaartjes van les autres, en ja hoor, het klopte toch niet. De kleine lettertjes, hè, die hadden we wel geleerd te lezen deze vakantie. Echt heel handig, hoor. Komt nog altijd van pas, die vaardigheid.
Hún kleine lettertjes klopten niet. Ze hadden kaartjes gekregen voor dezelfde trein, dezelfde tijd, dezelfde coupé, dezelfde couchettes, maar precies een maand later. Dus we bonjourden ze opgelucht uit onze couchettes, zwaaiden ze vrolijk gedag toen ze verslagen naar de loketten sjokten en installeerden ons in onze stofnesten. Rugzakken ergens bij en op onze voeten, poster zo kreukvrij mogelijk naast mij op het matras, in de lengte, want de breedte van zo'n couchette stelt niets voor. Ik durfde me de hele reis niet om te draaien.
De donkergroene, huismijterige gordijntjes gingen dicht, de trein begon voorzichtig te rijden, de medepassagiers lagen al snel lekker te ronken, maar wij niet.
Wij lagen ons de hele tijd af te vragen waar we waren, waarom de trein wéér niet doorreed, waarom ie eigenlijk zo piepte en knarste, hoe laat het was, of we gewaarschuwd zouden worden voor Roosendaal en of het echt wel klopte met alle andere kleine lettertjes.

In het holst van de nacht kwam de douane langs die een blik wierp op onze paspoorten, ons bars toesprak, daarna op gealarmeerde toon overlegde met een collega in het gangpad en toen onze paspoorten stuurs mompelend innam. Wat was dit nu weer? Deden ze dat bij iedereen? Mais non, dat deden ze niet bij iedereen. We voelden ons wederom heel onveilig, zonder geld, zonder paspoort, zonder idee waar te zijn. Met douaniers die zomaar, out of the blue, paspoorten teruggaven of, natuurlijk in ons geval, innamen. In een onvoorspelbare trein, die op de gekste momenten, op de vreemdste plaatsen en in de onnavolgbaarste frequentie piepend en/of knarsend remde, stopte, pruttelend weer verderreed en weer remde en stopte.  L'histoire se répétait.
Geen oog dicht verder probeerden we bij het eerste ochtendgloren op onze horloges te kijken en ontdekten dat we al bijna in Roosendaal zouden moeten zijn. De tijd was toch sneller voorbij gegaan dan we dachten. We stonden op, deden voorzichtig met de poster die nog steeds geen kreukel vertoonde, pakten onze rugzakken, dronken een slokje kostbaar water en fatsoeneerden onze haren. Huh? Wat schrijf ik? Nee, ik deed iets met mijn haren, bij Grote Pol was er toen al niets meer aan te redden.
En gingen op zoek naar een conducteur, of liever nog de douane himself. De trein was er bijna en nóg waren onze paspoorten niet terug. Zouden we dan toch crimineel zijn? Zou de spoorwegpolitie ons in Roosendaal oppakken voor het meeliften met geschifte Fransozen? Voor het illegaal betreden van de Franse spoorwegen? Vermoedden ze opgerolde drugs in onze poster?
Mais non. Niets van dat al. Rien du tout. Op het laatste moment, toen de trein al definitief remde voor het Roosendaalse perron, kwam de conducteur ons plechtig onze paspoorten overhandigen, die we dankbaar in ontvangst namen. De trein stopte, we stapten uit en waren weer op vertrouwde Neerlandse bodem.

Wat een vakantie. Wat een reis. Phénoménal. Terrible. Incroyable. Horrifiant. Fabuleux.

Nooit, maar dan ook nooit meer zouden we weer naar Frankrijk gaan.

Met de trein dan.

Maar twee jaar later bleek, dat met de auto naar Frankrijk, met een oranje bungalowtent uit de jaren zeventig, bestaande uit 94 delen, de ultieme relatietest is. Waarover een andere keer. Misschien.

Trouwens, die poster hangt nog steeds op een mooi plekje in ons huis. Zonder een enkele kreukel. Onze smaak is wel wat veranderd, maar Delia moeten we gewoon elke dag even zien. Bien sûr...

6 opmerkingen:

baasbraal zei

Gelukkig! Ik was al bang dat ik vannacht niet zou kunnen slapen omdat ik niet wist of jullie verhongerd, dan wel paspoortloos in Spanje terecht waren gekomen! Maar gelukkig: jullie zijn veilig thuisgekomen MET poster! Dat van die 94-delige bungalowtent ken ik ook, wij zijn steeds primitiever gaan kamperen, maar zoeen hebben we er ook gehad.

Toaske zei

Sjemig, het is wel een heel memorable vakantie geworden nietwaar. Leuk om mee te mogen lezen. Maar jullie weten natuurlijk nog steeds niet waarom jullie paspoorten destijds tijdelijk ingenomen waren?

ChoCho zei

ik zou met meer stess thuiskomen dan ik was vertrokken en meteen een vakantie nodig hebben :-)

The Dutchess zei

Dank je..met ERG veel plezier gelezen. Die goeie ouwe tijd hé..:)

Mira zei

Je vakantieverhaal was super geschreven! Laat iets weten wanneer je nog een volgende doet hé!!

Judith zei

ik liep schandalig achter met lezen maar mooi dat ik drie delen in 1 ruk heb uitgelezen!!!!!!! zo en nu de rest nog. leuk hoor om hier jullie belevenissen te lezen. dievergeet je nooit meer!!!1