woensdag 20 september 2017

Dat helpt niet

Ik word oud, grijs en stram. Mijn knieën hebben na het opstaan wat tijd nodig  voor ze weer gesmeerd willen buigen. 's Morgens zie ik kreukels in mijn gezicht, maar die trekken snel weg. Ochtendrimpels, bestaat dat? En er zijn ook al ouderdomswratjes gesignaleerd. Het woord alleen al.
Voor je het weet voel ik me ook nog oud. Dus kocht ik hippe sneakers en dat helpt. Een beetje. Als ik niet te veel in de spiegel kijk heb ik echt het idee een frisse brunette te zijn. En zie ik mezelf imaginair fietsen lijk ik wel een vlotte twintiger.
Maar soms word ik weer met mijn neus op de feiten gedrukt en spat dat beeld weer uit elkaar:
Leerling: Mijn vader is overovermorgen jarig.
Ik: O, dus zaterdag feest! Hoe oud wordt hij? (vreselijk nieuwsgierig natuurlijk)
Leerling: 39. En u bent .... volgens mij 54.
Ik: Nee joh, zie ik er zo oud uit? Ik ben 46.
Leerling: Nou, mijn oma is 61 en die heeft nog geeneens grijze haren.

zondag 17 september 2017

Leescollectief

We hadden een mooi boek uit de bieb, we hoefden niets, het was zomer in Drenthe.

Eerst las ik het boek en moest ik mijn mond erover houden, want Grote Pol zou het ook lezen. Ik leefde in twee werelden. Toen het uit was, mocht hij. Ik had de tweede wereld vastgehouden en het was mooi dat hij ook die wereld in ging stappen. Je krijgt dan op de fiets van die conversaties als:
- Ben je al bij ...?
- Nee, ik ben nog bij dat ze ....
- O ja, heb je dan ook al gelezen dat ...?

- Zeg je het even als je gelezen hebt dat ze ...?
- Ik ben bij dat ze ...
- O, dan ben je er nog lang niet.

- Ik heb net gelezen dat ze ...
- Ja, erg hè? Maar het wordt nog veel erger.
- Niet verklappen. Dat zo'n vader dat doet en die moeder het goed vindt...

- Ik weet dat nog van vroeger, ik had ook zo'n ...
- O nee, in mijn tijd was dat nog niet. Bij ons hadden we een...

- Maar ik kan me wel voorstellen dat zo'n kind dan zo denkt.
- Ja, dat heeft ze goed geschreven, dat stukje.

Etc. etc. Het was een mooie zomer. Want daarna lazen we een heel ander boek samen dat ook nogal wat gespreksstof en daarmee verbondenheid opleverde.
Ik zou een gedicht willen kunnen schrijven over het geluksgevoel dat zoiets me geeft.
Gewoon, een eenvoudige vakantie in Drenthe, een wandeling, een fietstochtje en een goed boek. En Grote Pol.

Boeken:
De wensdagen, Patricia F. Wessels

Dagboek van een postbode, Viktor Frölke