maandag 19 november 2018

Verjaarsvisite

Conversatie met mijn moeder (type: artistiekerig, doet niet moeilijk over bepaalde dingen én heeeeel lief):

Welkom, welkom, ja, dank je wel. 48 jaar, hè, ja, van 1970.
Ja, we dachten, we doen er een bloemetje bij! 
O, leuk, dank je wel. Maar waarom zijn die stelen geknakt?
Tja, het paste anders niet in de tas...

Conversatie van het jongste Polletje (type: sociaal dier, spraakwaterval, enorme sloddervos, doet niet moeilijk over heel veel dingen én soms heeeeeel lief):
Ja dat was echt totale onzin. -ratel-ratel- Twee keer per dag vis in Noorwegen echt niet normaal meer (op oefening geweest daar met defensie) -ratel-ratel- Dat sloeg totaal helemaal nergens op en van die shit allemaal. -ratel-ratel- Dat was echt bizar. Complete veiligheidsonzin op dat vliegveld daar. -ratel-ratel- Die kerel was zo dronken dat ging echt helemaal nergens over. Enzovoort enzoverder...

maandag 5 november 2018

Over duurzame sokken, oorlog en verlangens

Ik sloot een deal met het oudste Polletje - dat natuurlijk allang geen PolleTJE meer is. In ruil voor een foto zou ik een verzoek van hem hier op de blogspot zetten. Dat verzoek moet hij nog wel even zelf formuleren. Dat kan nog wel even duren gezien zijn onnavolgbare manier van prioriteiten leggen. Het zal de leeftijd zijn. Houdt u er rekening mee dat het iets met spullen uit de Tweede Wereldoorlog te maken heeft, want dat is nog steeds een grote hobby.
De foto die ik ruil voor mijn toezegging kreeg, plaats ik mooi al wel.
Het Polletje is op de duurzame toer. Hij vond op internet een prijsvraag waar hij een duurzaam product mee kon winnen. Niemand reageerde behalve hij (op het laatste moment) en hij won dus. De opdracht luidde: Maak een originele foto van een single sock. 


Wat won hij? Drie paar sokken met lusje en knoopje om ze innig aan elkaar te verbinden in de was. Mooie kwaliteit, goede pasvorm. Te bestellen bij Qnoop. Ik heb geen aandelen, maar wil ze wel graag voor mijn verjaardag. Papa, mama, iets voor jullie? Maat 40. 

zaterdag 27 oktober 2018

Koos is dood

De deur wordt opengezwiept, een vrouw van een jaar of vijfenvijftig achter een rollator komt de zaak kwiek binnengelopen. '64 euro dat is niet veel, 64 euro. Is niet veel,' roept ze en ze stoomt door naar de wc's. Ik verdiep me nog wat intensiever in de Margriet. Er wordt doorgetrokken en ze komt de zaak weer in, '64 euro is echt niet veel, hè, ik denk dat ik dat wel mag.' Door naar het koffiehoekje, komt met een kop thee naast me zitten. 'Ja, ik sta onder bewind en dat is niet makkelijk hoor, maar 64 euro is niet veel voor schoenen, ik denk dat ik die wel mag. Schoenen zijn duur. Hoe duur zijn uw schoenen? 64 euro maar. Dat mag wel, denk ik. Maar het is niet makkelijk als je onder bewind staat. Arne Jansen is ook al dood, zelfmoord, dat is erg hè. De cd's van Koos Alberts kun je nergens niet meer kopen. Nergens. Allemaal uitverkocht. Ben ik mee opgegroeid en ook met Arne Jansen erg hè. Ik moet nieuwe schoenen, de oude kan ik nog wel op lopen maar ik wil ook wel eens wat anders - u toch ook? - en 64 euro is niet veel hè. Ja, mijn zoon wil ook al niet meer met mee naar de stad, ben u ook moeder, willen ze nog wel met u mee? Nee, die van mij ook niet, die is 36. Arne Jansen, zelfmoord, erg hè. Koos Alberts heb vijf cd's, niets meer te koop. Nergens. Ik moet even bellen, hoor. Hallo Monique, 64 euro is niet veel, hè, maar dan mo'k de gemeente nog even vragen als het mag, ja, is goed, ja dag hoor. Wat betaalt u voor nieuwe schoenen? 64 euro is niet veel, toch? Als je onder bewind staat, is niet makkelijk, hoor. En me zoon wil niet meer mee.'
Ik heb de Margriet uit. Ik ben mijn tegenzin te boven en reageer zo af en toe op haar monoloog. Het maakt niet veel uit, ze blijft dit kringetje rondpraten. Onverminderd praat ze in hoog tempo door over de schoenen, het bewind, Arne Jansen en Koos Alberts. Tot de kop thee op is. 'Ik moet ook nog even kijken bij Ella Pupken, waar zit die, weet u dat? Die kant of die kant? O, die kant? Ik dacht die andere kant. Dus die kant zegt u.' Ze staat op, grijpt de rollator en stoomt de zaak uit. '64 euro is niet veel, tot ziens dan maar weer.'
De kapsters hebben haar niet een keer aangekeken.

woensdag 24 oktober 2018

Neus snuiten

Ik kan me er groen en geel aan ergeren: kinderen die hun neus niet kunnen of willen snuiten. Ja, kleuters, oké, die moeten dat nog leren. Maar de leerlingen, vanaf een jaar of acht, negen, die bij mij in de praktijk komen, vaak zelfstandig op de fiets, die komen standaard snotterend van de kou en inspanning binnen en blijven als ik niet uitkijk een vol uur lang hun neus halfslachtig ophalen. Ik bied altijd een papieren zakdoekje aan, maar sommigen weigeren, anderen zijn slappe snuiters en nog weer een deel veegt symbolisch alleen hun neus af. De jeugd van tegenwoordig weet niet meer wat dat is: je neus zorgvuldig leegtoeteren. Of vakkundig ophalen, dat schijnt gezonder te zijn, maar ik kan het niet en wil het niet.

Laatst had ik er een die stomverbaasd was dat ik mijn neus snoot in een doekje. Had nog nooit een katoenen zakdoek gezien. Tien jaar oud. Het is toch een enorm gemis voor zo'n kind niet te weten hoe heerlijk het is je te kunnen ontdoen van overtollig slijm, stof en vocht dat een onbelemmerde teug zuurstof door de glorieuze poort van je luchtwegen verhindert!!! In zo'n heerlijk grote doek waarin altijd nog wel een schoon, zacht en droog plekje te vinden is.

Mijn moeder had en heeft nog altijd een klein zakdoekje in haar mouw of beha gepropt. Die tovert ze om de klipklap tevoorschijn om zo'n eigenwijze druppel op te deppen. En het eerste wat ik heb leren strijken waren de zakdoeken van mijn vader. Mijn vader heeft echt een gave snuittechniek, daar kan ik jaloers op zijn. Laat negenennegentig vreemde snuiters en mijn pa hun neus snuiten en ik pik mijn vader er blind uit.

Trouwens, nu ik een beetje ouder word, heb ik wel vaker last van zo'n incontinente neus. Herkent u dat, mede-ouderwordende lezer? Van het oudste Polletje leerde ik mijn neus al fietsend zakdoekloos te legen. Dus u mag hopen dat u nooit toevallig op zo'n moment achter mij fietst.

Ik verklaar hierbij het snuitseizoen voor geopend.

vrijdag 27 juli 2018

Hoe gaat het eigenlijk met de Polletjes?

Misschien weet u het nog. In december schreef ik over een brief. Het oudste Polletje, fervent WOII-verzamelaar, kocht een nooit aangekomen veldpostbrief van een Duitse moeder aan haar krijgsgevangen zoon. De brief werd ontcijferd en het Polletje zocht en vond informatie over de soldaat (destijds 17 jaar oud) op internet. De man leeft nog! Er werd contact gelegd, de brief werd na 73 jaar eindelijk door de geadresseerde gelezen. De lokale Duitse media gaven aandacht aan dit bijzondere verhaal.
En nu, op dit moment, rijdt Polletje met wat vrienden naar het verre Schleifreisen om deze man vandaag in levenden lijve te ontmoeten!

Het jongste Polletje viert momenteel vakantie. Hij heeft er zeven weken opzitten van de AMO, de Algemeen Militaire Opleiding, en het bevalt hem daar wel, ondanks het zware afzien nu en dan. Hij leert in elk geval zijn kast netjes in te ruimen, dat is mij nooit gelukt.

maandag 23 juli 2018

De trein van 13:36 Roosendaal - Middelburg

Omdat ik een nette vrouw ben, niet platvloers en grof in de mond, durfde ik maar steeds niet aan dit stukje te beginnen. Want ik ontkom niet aan jargon dat me niet zint en onderwerpen waar u me verder nooit over gehoord hebt. Bij voorbaat al mijn excuses. U zou natuurlijk ervoor kunnen kiezen om niet verder te lezen, maar dan mist u wel wat. 

13:36. Roosendaal. We installeren ons voor het laatste deel van de treinreis. We hebben er al twee uur opzitten en ik hoop dit laatste stuk in alle rust een flink eind te kunnen lezen in mijn vuistdikke Tonio. Dat boek moet toch een keer uit. Tussen Nijmegen en Roosendaal was er al bitter weinig van terecht gekomen wegens drukte. Dit stuk moet het lukken, want de trein is bijna leeg.

13:37. De trein rijdt en precies naast ons komen twee jongens van een jaar of 17 zitten. Niet de allerbriljantste geesten, zullen we maar zeggen. Of het wel tweedeklas was. En of ze wel in de goede trein zaten. Of het treinkaartje wel in de bus geldig was. En als het niet zo was, dat ze dan toch gewoon zouden instappen, want je betaalde al genoeg. Als er controle kwam, zouden ze uitstappen.
Drie bladzijdes gelezen.

13:45. Bergen op Zoom. De jongens pakken hun mobiel erbij. De slimste, in het zwart gekleed, leest hardop voor: een jongen van 13 heeft een USB-kabeltje twintig centimeter diep in zijn penis gestoken. Moest in het ziekenhuis verwijderd worden. De andere jongen (in blauw) krimpt ineen. Hij beschikt naar alle waarschijnlijkheid over een groot empathisch vermogen. Spreekt en klopt zijn kruis bemoedigend toe: ik zal goed voor jou zorgen, hoor, dát zal ik niet doen bij jou. De jongens praten door over hoe dat dan technisch mogelijk heeft kunnen zijn.
Halve bladzijde gelezen.

13:55. Rilland-Bath. Vanuit Middelburg moeten de jongens verder met de bus. Mijn hoop dat ze eerder dan wij de trein uit moeten is de grond in geboord. Eerst met de bus en dan nog een kankereind lopen. Door weiland en bos, weet die met het zwarte T-shirt. Ze gaan naar Feyenoord en geven hoog over de wedstrijd op (ik zoek het later op: het gaat om een oefenduel met het Zeeuwse elftal) en hadden verwacht dat de trein vol zou zitten met supporters. Op de terugweg zal ik wel vetmoe zijn, voorspelt blauwe T-shirt.
Een alinea gelezen.

13:59. Krabbendijke. Het gesprek komt weer op de jongen met de USB-kabel. Twintig centimeter!!!!! Zo groot is de lul van een 13-jarige toch niet? Ongegeneerd praten ze over de lengte van hun eigen materiaal, de hele coupé kan meegenieten. Het blauwe T-shirt weet dat toen hij in de eerste zat, die van hem al 14 centimeter mat. Hoe het nu is, weet hij niet, maar in elk geval wel een stuk groter. Zwart T-shirt heeft nog nooit gemeten.
Niet gelezen. (Geschokt. Zouden de Polletjes ook zo zijn geweest? Nee toch???)

14:04. Kruiningen-Yerseke. Er lopen twee jongemannen op het perron. De blauwe denkt dat die ook wel naar Feyenoord zullen gaan en kondigt terloops aan wel bier te gaan drinken bij de wedstrijd. Als dat daar mag, tenminste. De zwarte lust nu ook wel een biertje, zegt hij. Hij was laatst op een feest en toen had hij wel tien biertjes gedronken. De blauwe had er vorige week nog zeventien op. Toen had de zwarte er na enig nadenken bij nader inzien wel twintig op een avond gedronken. Maar de blauwe weet het zeker: 27 was zijn record. En toen was hij nog geeneens niet dronken niet.
Boek dichtgeslagen.

14:10. Kapelle-Biezelinge. Het is zowaar even stil. De jongens moeten even hun bierinname verwerken.
Boek weer gepakt en de juiste bladzijde opgezocht.

14:15. Goes. Er stapt een mooi meisje uit. Ik hoor ze kijken. Als ze weg is, gaat de discussie over de benaming van bepaalde lichaamsdelen. Borsten, dat vinden ze erg vies klinken. Dat is niet netjes en respectvol tegenover de dames. Nee, ze spreken liever over memmen. De blauwe vat de discussie na een paar minuten samen: ik zeg gewoon tetten.
Boek weer dichtgeslagen.

14:25. Arnemuiden. Welke bus moeten we eigenlijk hebben? Middelburg-station. Dat is raar. Daar zijn we dan toch al? De zwarte haalt het tafeltje uit de stoel voor hem tevoorschijn. Klapt het weer in. En weer uit. De blauwe probeert het ook, maar die van hem zit vast. Zwarte helpt hem, maar het lukt niet. Klapt zijn tafeltje weer open en met een plof laat hij hem weer in de stoel zakken. Blauwe waarschuwt hem: de mensen voor je hebben daar last van. Inderdaad, empathisch vermogen. Ze staan op en lopen naar de uitgang.
Boek in tas gedaan.

14:29. Middelburg. De bus naar Middelburg-station staat klaar. Verder geen supporters gezien.



U zult het niet geloven: om 19.25 uur staan we op het station te wachten voor de trein terug. Wie komen eraan sjokken? Jawel. Maar toevallig stappen we mooi ergens anders in.
En natuurlijk hadden we ergens anders moeten gaan zitten. Maar vreemd genoeg dachten we daar niet aan. Grote Pol had trouwens het grootste deel van de reis niets in de gaten. Die kan zich namelijk wel concentreren op één ding. Ik pik alle prikkels op.

donderdag 31 mei 2018

Je verzint het niet

Huize Pollenstein staat in een heel gewoon deel van het land. De mensen doen hier uiterst normaal, want dat is gek genoeg. Toch zag ik laatst twee keer iets waarvan ik dacht: zoiets verzin je toch niet. Van die surrealistische situaties waardoor je het gevoel hebt midden in een filmscène te zitten. Ik wachtte nog een paar weken met erover te schrijven, omdat ik het mooier vind als zo'n blogje uit drie delen bestaat, maar tot nu toe helaas geen Vreemd Derde Ding gezien.

Vreemd Ding 1:
Grote Pol en ik liepen over de begraafplaats. Daar komen we normaal nooit en de reden waarom we er nu waren was eerder hilarisch dan verdrietig, maar daar gaat het nu niet om.
Even tussendoor. Is het erg oneerbiedig als ik schrijf dat we moesten grinniken om een naam op een grafsteen? Serieus, er lag iemand die bij leven meneer of mevrouw, dat weet ik niet meer, Bo.ttenschuiver heette. Dat puntje hoort er natuurlijk niet bij, maar dat is tegen het googelen. Je weet maar nooit met die AVG. Over die wet zal ik binnenkort ook eens wat schrijven, want daar word ik zo ontzettend chagrijnig van.
Maar goed, we liepen daar dus en opeens kwam daar vanuit de ene kant van de begraafplaats een meisje aangelopen van een jaar of 12. Met een grote kruiwagen waarin een stuk of vijf, zes schattige puppies lagen. Los daarbij een grote herdershond die zijn/haar eigen plan trok. De puppies krabbelden telkens een voor een omhoog en kukelden vervolgens over de rand van de kruiwagen, zodat ze bijna verpletterd werden onder het wiel. Het meisje zette dan de kruiwagen neer, pakte het hondje op, plantte het terug tussen de broers en zusjes, riep de herder tot de orde en liep weer wat meters verder, op weg naar de andere kant van de begraafplaats.
Ziet u het voor zich?

Vreemd Ding 2:
Grote Pol en ik waren dit keer op de fiets. In the middle of nowhere wat kilometers aan het wegtrappen. Opeens zagen we een vrouw, een heel gewoon type - iedereen heeft wel zo'n heel doorsneebuurvrouw, zo'n aardappels-vlees-groentetype, een jaar of vijftig, met een kort pittig kapsel, die om de twee weken de ramen lapt en elke ochtend rond een uur of 10 geniet van een sigaretje en een bakkie koffie bij de Libelle - met een wit scootertje die een meter van het fietspad af haar doedelzakoefeningen aan het doen was. Ze speelde Amazing Grace.
Wacht eens even? What's in a name? Die vrouw heette natuurlijk Grace en ze was ons nu echt aan het amazen!!!

Hier vlakbij op de hei zien we ook weleens een doedelzakker, trouwens. Maar dat is een normale, met kilt, lange woeste haren en gekke muts. Zoals het hoort.

woensdag 30 mei 2018

Grijs

Twee jongens van een jaar of acht spelen politietje, op straat. Ik fiets erlangs en zie wel aan hun koppies dat ze iets ondeugends van plan zijn. Net als ik ze passeer roept er één: 'Handen omhoog of ik schiet, oude mevrouw!' Dat laatste kwam er net iets zachter uit dan de rest. Ik fiets door, voel me natuurlijk niet aangesproken, en hoor ze giechelen. Ik heb net zoveel lol als zij, maar vraag me toch - voor de zoveelste keer - af of ik toch mijn haar niet moet laten verven.