Uitgelezen 2019

maandag 17 augustus 2020

WORDFEUDGEDICHT


WEZEL! DENK niet STRAM

De CEDER DOFTE AHORN
In de ENS GEWERD hij HIKENDE een BYTE
Op de RA BEZAG ik GOLFJES 

De LORDS en YUPS in het COMITE 
zaten te OHAEN en te BRANEN
met NUK en GIJN en het OBLIGATE PORTIE QAT
De SAX KREES

Ik ZUURDE: POOI jij YES of NO? 
De SQUAW SCHEE SPANTEN
Dat hij zijn TWEEP met CIF NAGGE 

END



(u mag mij gerust een beetje raar vinden)



donderdag 9 juli 2020

Oma Kip en de kip die geen kip was

Wij van huize Pollenstein wonen in een maisonnette, in een appartementencomplex met nog negentien andere maisonnettes. Bij het complex hoort een gemeenschappelijke tuin. En in die tuin staat een kippenhok. Op het kippenhok is een bordje gespijkerd, dat hebben de Polletjes ooit gedaan. Het zijn bepaald geen Oost-Duitse toestanden daar, maar ontsnappen naar het vrije Westen is onmogelijk voor de kippen.

Bij zo'n complex hoort ook een buurvrouw die er al honderd jaar woont en die de boel in de gaten houdt. Die appjes stuurt als het PMD-afval deze week op zaterdag wordt opgehaald, die haar stoepje en dat van de buurman dagelijks veegt, die de boel rond het complex opruimt en wildgroei snoeit, die gezellige praatjes houdt met iedereen die langskomt en graag wat voor een ander doet. Zó'n buurvrouw dus, u kent haar wel. Die hebben wij ook. Zelfs de kippen houdt ze in de gaten. Maar die zijn officieel van een andere buurman. Er is veel gemeenschappelijk hier buiten, maar niet alles.

Nu had die buurvrouw dus gezien dat één kip ziek was. Dacht ze. Ze alarmeerde de buurman en die zag dan weer dat de kip niet ziek was, maar broeds. Maar er was geen haan. En ook geen ei. De kip zat al dagen op een plastic dekseltje. En dat wordt niet wat.

Trouwens, dat die kip daar op dat dekseltje zat te broeden is al een wonder, want die kip is geen kip, maar een hoen en hoenen broeden niet. Die leggen in warm Afrika hun eieren in het zand of zo, leggen er bladeren op en dan komt het daar vanzelf wel goed met het nageslacht.
En we hebben dus eigenlijk geen kippenhok, maar een hoenderhok, zonder knuppel erin.

Buurvrouw toog naar de kinderboerderij, waar ze vast ook contacten heeft en kreeg drie bevruchte eieren mee. Buurman legde die onder de kip die geen kip was, maar wel keurig op de eieren bleef zitten. Buurvrouw oma Kip bleef de boel veelvuldig inspecteren en warempel: een paar weken geleden kwamen er twee gezonde kippenkuikentjes uit hun ei!

We zijn met z'n allen heel benieuwd naar hoe onze nieuwe buurtjes zich gaan ontwikkelen. Oma Kip en mama Hoen hebben zich voorbeeldig op de opvoeding van het grut gestort. 

zaterdag 23 mei 2020

Over botanisch stoepkrijten en een fietstochtje door de hooilanden


We waren al vaker door de Binnenveldse Hooilanden bij Wageningen gefietst, maar na de uitzending van Vroege vogels van gisteravond was ik vanmorgen extra gemotiveerd voor dit fietstochtje van 35 kilometer.
Het is daar zó mooi. Hier een fotootje van twee weken geleden, toen ik daar ook al was.

Ik heb vandaag m'n best gedaan me niet te ergeren aan mijn gebrek aan botanische en vogelkennis (die meneer bij Vroege vogels had een jaloersmakende kennis) en gewoon maar te genieten van wat ik zag. En dat lukte gelukkig prima.

Dertig jaar geleden, op de pabo, kregen we serieus een vogel- en een wildebloemententamen. Zo'n vijftig soorten moest je dan van zo'n oude schoolplaat herkennen. Er stonden nummertjes bij en ik was zo dom om vooral die getallen handig met de namen te combineren en niet écht te leren op specifieke kenmerken. Daar had ik binnen een jaar al spijt van, en nog. 

Maar gelukkig hebben we daar tegenwoordig apps voor. Ik heb er net één gedownload, nadat ik door Firma Fluitekruid geïnspireerd werd om botanisch te gaan stoepkrijten. Kruidje gefotografeerd dat bij ons beneden bij de berging staat en waarvan ik me al jaren afvroeg wat het is en tadaa!

Voortaan neem ik dus ook stoepkrijt mee als ik ga fietsen. En dan zet ik bij minimaal één gevonden wild bloempje een naam. Gekartelde welriekende vrouwenweegbree of zo. 

dinsdag 5 mei 2020

Meestervervalsers

Jongste Pol woont met vier anderen in een oude woning boven een winkelpand. Het is daar regelmatig een dolle boel, ze bedenken de 'leukste' dingen (als je ervan houdt...) en feesten wat af. Er is altijd wel een reden te bedenken. Zo was er al een Ibiza-, ridder-, piraten- en een ruimtevaartfeest, compleet met raket, sterrenhemel en astronauten. En als het weer mag, houden ze een Never-walk-alone-feest, waarbij je alleen in paren mag komen (dus Mario en Luigi bijvoorbeeld, licht Pol desgewenst toe).
Pol kon een tijdje niet werken wegens een chronisch verstopte neus en verveelde zich. Hij ging maar eens een bar timmeren voor op het dakterras. Maar toen de bar klaar was, moest er weer wat anders verzonnen worden. Iets nuttigs dit keer: het schuurtje werd opgeruimd. De smetteloos witte muur inspireerde hem en zijn huisgenoten om daar te gaan schilderen en zo ook daar hun sporen achter te laten voor de komende generaties.
Ziet u welk schilderij ze namaken?



zondag 3 mei 2020

Letterlijk

Een van mijn leerlingen werkt deze vakantie vlijtig door. Zo af en toe stuurt ze een foto van gemaakt werk, waarop ik dan enthousiast of opbouwend reageer. Die reacties moeten heel duidelijk en eenduidig zijn, omdat ze veel dingen letterlijk neemt en niet alles begrijpt.
Afgelopen week stuurde ze een foto van schrijfwerk (we werken ook aan handschriftverbetering).
Mijn reactie: Wow! Alleen de t blijft lastig voor je. Nu nog a-l-t-i-j-d zo schrijven....
Toen stuurde ze deze foto:
😍

maandag 27 april 2020

De Kolossale-Krakende-Knieën-Kwis

Het is tijd voor een gezellige quiz! Doet u mee? Er zijn mooie prijzen te winnen! Maak telkens uw keuze en volg de aanwijzingen nauwkeurig op."
TIP: om meer kans op die mooie prijzen te maken herleest u dit berichtje met de reacties eerst even.


Vraag 1


Sinds het verschijnen van het berichtje Afkraken  ... (typ gewoon uw antwoord in, gevolgd door een #)
A. ..is de toestand verslechterd.
B. ..is er een kleine verbetering opgetreden.
C. ..sta ik ingeschreven op de wachtlijst voor kunstknieën.
D. ..is een duidelijke verbetering opgetreden.
E. ..kraken nu ook mijn polsen, enkels en hersenen.


Vraag 2


Schrijf met uw vinger in onderstaand vak uw schatting van mijn looprecord (in meters) van de afgelopen maand:

Vraag 3


Dat is te danken aan: (tik op het juiste plaatje)

               Tip van Engelien en Mijntje


Vraag 4


De reactie van de Polletjes op deze oplossing was: (roep de letter van uw keuze in de wasmachinetrommel)

A. Op je volgende verjaardag geven we je een kudde schapen.
B. O, wat erg, lieve mam, dat helpt je natuurlijk niets. Hierbij verklaren we dat we altijd alles voor je zullen doen. Zullen we je om de beurt even op onze schouders uitlaten in het bos?
C. Haha, nou, probeer dan ook meteen rechtsdraaiende biologische perenhangop met paddosoepextracten en een toefje gefermenteerde nijlpaardlevermousse. Nee, grapje, paddenbloed, slangengif en aderlaten schijnt ook goed te helpen. We googelen  wel even het nummer van de dichtstbijzijnde chirurgijn.
D. Ik rook gezellig met je mee.

Prijswinnaars krijgen automatisch bericht.



vrijdag 17 april 2020

In de herhaling - de POD

Tien jaar geleden schreef ik onderstaand blogje. Ik moest er laatst weer aan denken en zocht 'm op. Ik moest weer hartelijk lachen om de foto van de Polletjes, die nu dus zo'n twintig jaar geleden gemaakt is.
Het frappante is dat het jongste Polletje, dat er op die foto zo sullig bijstaat, nu werkelijk militair is en als taak heeft mijnen op te sporen en onschadelijk te maken!

Het Sinterklaasjournaal besteedt elk jaar wel weer aandacht aan de POD. De Pieten Opsporings Dienst, de Problemen Oplos Dienst of de Papier Opsporings Dienst, al naar gelang het thema van het script.
Hier in Huize Pollenstein hebben we ook al jaren een POD. En ook de letters van deze afkorting staan elke keer weer voor iets anders. De Polletjes waren tien jaar geleden zo'n beetje permanent gekleed als Piraat. Toen spraken we van Piraten Overal Dagelijks. 
Daarna de PrentenboekOokDagelijks-manie en toen via de Pipo Of Donaldduck-rage zijn ze razendsnel, want zo gaat dat: ze zijn groot voor je het weet, aanbeland bij de Projectielen Opsporings Dienst. Vandaag gingen ze samen met de metaaldetector eropuit en vonden ze een onontplofte Britse 2 inch mortiergranaat.
En morgen belt de POD hoogstpersoonlijk de politie, zodat de EOD in allerijl zijn werk zal gaan doen en de POD er met hun neus bovenop kan staan. En dan volgt natuurlijk een reportage voor het NOS Journaal en een plaatsje op de voorpagina's van alle landelijke dagbladen. Dat spreekt vanzelf. 
Maar ik weet niet of die gedachten meer thuishoren bij de Piraten Overal Dagelijks-fase, of bij het Projectielen Opsporings Dienst-idealisme. Dat noemen ze een IP, een IdentiteitsProbleem, en dat is heel normaal voor POV. (Pubers Onderweg naar Volwassenheid.).

donderdag 2 april 2020

Dagboek van mijn moeder

Vanaf twee weken voor de geboorte van mijn oudste broer (januari 1962) tot dertien maanden na de geboorte van mijn jongste broer (november 1966) heeft mijn moeder een dagboekje over de kinderen bijgehouden. In drie schriftjes met zo'n fijn jarenzestigomslag.
Ik kreeg ze laatst mee om te lezen, ook al kom ik er zelf niet in voor. En wat is dat genieten! Zo leuk en verrassend om dit van je moeder te kunnen en mogen lezen, terwijl zij en ik inmiddels al lang en breed in een heel andere levensfase verkeren.
Het geeft zo'n heerlijk beeld van een jonge moeder in de vroege jaren zestig, erg gelukkig (althans, op de momenten dat ze schrijft) met haar man, kinderen en de nieuwe flat. (De eerste twee jaar van hun huwelijk woonden mijn ouders vanwege de  heersende woningnood in bij haar schoonvader en zijn vriendin. Geen gemakkelijke tijd.)


Ik zie mijn moeder zo zitten aan tafel. Zaterdagavond, pen, flesje groene inkt en schrijven maar.

Een fragmentje, mijn oudste broer is dan bijna tien maanden:
Dinsdag is de dokter geweest, Saul moet de hele week nog binnen blijven. Hij is weer bijna beter. Deze week nog zijn oor druppelen. Dat vindt hij vreselijk.
Al heel lang luistert Saul naar muziek. En als de radio aan staat, en ik zing mee, en sla de maat dan doet hij het ook. Onbeholpen met zijn handje. Soms steekt hij mij zijn handje toe, dan moet ik hem helpen. Wanneer Saultje alleen muziek hoort, gaat hij op de maat zitten wiegen. Dat is helemaal leuk!
Hij kan al zo goed aan de hand lopen. Hij stevent direkt naar de radio. En naar het raam. Hij vindt het prachtig, om tegen de ramen te slaan. Als hij zijn eerste hapjes brood krijgt, is hij zo blij,dan zegt hij steeds onder t' kouwen: mamamamamamamamam. Hij begint echt een beetje aanhalig te worden.


En een fragment geschreven op 17 mei 1964:
Er is weer veel te vertellen over Saul. Hij probeert nu alles na te eggen, wat aardig goed gaat, soms nog wat krom. Lopen kan hij heel vlug, als hij valt, moet het erg pijn doen, voor hij zal gaan huilen. Een hoofd vol krullen, wat erg lief staat. s'avonds na het eten voorlezen door papa is een feest. Vooral de boekjes van Dick Bruna vindt hij fantastisch. 
Bij opa in de auto is het grootste feest. Daar is hij dol op. Hij weet ook precies van wie de auto's van de buren zijn, fiat 600 van Jaapjes papa, fiat 700 van Joosten enz. Hij kan zo verlangend naar spelende kinderen staan kijken. Maar hij is nog te klein om op straat te spelen. Het is een lieve schat, iedere dag geniet je weer van hem. 




maandag 30 maart 2020

Diamant!

Vandaag zijn mijn ouders zestig jaar getrouwd. Dat is iets waar zij heel blij en dankbaar voor zijn, en ik, en heel veel anderen, met hen. Ik voel me zo gezegend met en door deze lieve mensen...


Vanmorgen gingen mijn twee broers en ik naar ze toe. We aten taart, bekeken de brief van de koning en de commissaris van de koning (de burgemeester kon helaas niet komen), zaten weer met z'n vijven aan de eettafel (dat was minstens 35 jaar geleden voor het laatst gebeurd) met een kopje soep en een boterham, het archief werd erbij gehaald met trouwboekje, jeugdherbergpassen, krantenknipsels, kampeerkaarten en meer. Oude herinneringen werden opgehaald, en tot slot zongen we weer het Voor al uw goede gaven, Heer.
Het was zo een heel eenvoudig samenzijn en tegelijk een sprongetjes-in-je-hart-gelukkig-makend groot feest!

donderdag 19 maart 2020

Ondertussen bij de Polletjes

Eigenlijk had ik besloten niet meer over mijzelf te bloggen. Wie ben ik nou, en waarom zou ik dat delen op internet? Maar er zijn situaties waarin dat misschien wel nuttig kan zijn. Gewoon een kletspraatje, met in dit geval meest anonieme lezers, kan in deze tijd ook goed doen.

Maar hoe het hier gaat? Ach, z'n gangetje. Dat is de laatste jaren mijn standaardantwoord, dus dat zegt u niet veel. Er zijn wat zaken die me bezighouden waarover ik (nog) niet kan of wil bloggen. Maar ik ben een gelukkig mensch, hoor.

Ik werkte altijd half thuis - half uit en nu is dat uit werken dus gestopt. In plaats daarvan fiets ik elke dag een rondje. Dat mag gewoon, maar dat heeft volgens mij niet iedereen begrepen. Gisteren op de hei was er in de wijde omtrek geen mens te zien...

Vandaag stond er gelukkig een artikel in de krant waarin werd aangeraden om naar buiten te gaan. Het is zo heerlijk en ontspannend, juist voor mensen die door de situatie meer stress ervaren. Maar ik heb gemakkelijk praten: binnen tien minuten ben ik daar op dat punt van die video.

Het thuiswerken krijgt ook een andere vorm. Ik ga op de digitale tour met een app op de computer: whereby.com. Echt handig is het niet, maar ach, we moeten roeien met de riemen die we hebben. Ben benieuwd hoe het gaat lopen. Ik kan op deze manier vast wel wat voor ze betekenen.
Ik had voor een leerling in groep 6 al allerlei spulletjes neergezet om te gaan
rekenen met liters, deciliters, centiliters en milliliters, want dat moet je toch beslist met echt water doen, lekker knoeien en spetteren. Ik heb daar nog geen digitale oplossing voor gevonden. Ze moet thuis maar veel recepten gaan lezen, pannenkoeken en cakes gaan bakken en soep gaan koken. Daar leert ze mogelijk nog meer van.

Haha, ik hoor net op het radiojournaal dat er een gevangene is besmet met het virus. 'De gevangene wordt goed in de gaten gehouden.'

dinsdag 11 februari 2020

Afkraken

De trap kraak ik af. Mijn fiets kraak ik af. Bij een wandelingetje kraak ik de hele weg af. En niet omdat ik overal kritiek op heb. Gelukkig niet, zeg. Nee, ik kraak omdat mijn knieën kraken.

Artrose, denkt de fysiotherapeut. Als ik mijn knie buig, is dat in een rustige ruimte voor de goede verstaander duidelijk hoorbaar. Het zit daar in die gewrichten niet goed. Niet fijn, al voor mijn vijftigste.
Het advies is om te blijven wandelen, maar het kost me heel wat moeite om dat gemotiveerd te blijven doen. Een rondje van 2,5 kilometer kan nog net. Als ik verder loop, moet ik eigenlijk paracetamol slikken tegen de pijn die me 's nachts wakker maakt. Als ik niet wandel en het hou bij de gewone huis-, tuin- en keukenloopjes, heb ik werkelijk waar nergens last van.
Een podologe bracht voor een consult dat niets opleverde, want er waren geen  afwijkingen te zien, een flink bedrag in rekening.
Tape helpt, dus vaak heb ik knalroze of felblauwe stroken rond die knie. Maar daar gaat mijn huid weer kapot van. Goede schoenen draag ik al, denk ik. De huidige waren in elk geval duur genoeg. Tijdens het tandenpoetsen maak ik schaatsbewegingen, een oefening die ik van de fysio meekreeg.

Ik ben natuurlijk nog veel te jong voor kunstknieën. U zult begrijpen dat ik hier in elk geval niet vrolijk van word. Ik geloof dat ik liever (af en toe) knikkende knieën heb.
Heeft iemand nog een goede tip? Een heel goed merk schoenen? Iets met voeding? Een zalfje? Een bepaald merk dropjes, of chocola? Oude kaas dan misschien?

En voor de leukigheid nog een mooie dia van vroeger, daar hou ik zo van. Van mij met mijn moeder. Wat een schattige knietjes had ik toen nog, hè?

maandag 3 februari 2020

Circulaire kussens

Bij de opruimactie in de berging van laatst kwam er een heel stel oude dekens van Grote Pol bovendrijven. Van die degelijke, wollen dingen. Een van die dekens was dé deken waar Grote Pol tot ons trouwen onder sliep. Ik kon er dertig jaar geleden de schoonheid niet van inzien, sterker nog: ik vond 'm afzichtelijk. Maar nu die deken bevallig op onze bank gevlijd was, zag ik het wel. Vintage, zo u wilt, maar in elk geval verrassend passend bij de rest van onze inrichting, die echt niet erg vintage is.

En toen bedacht ik dat we dringend behoefte hadden aan een paar fijne kussens. Die maakte ik natuurlijk van die deken. De oude wittige festonranden liet ik zitten, het label ook. Ik diepte nog twee knopen op ter volkomen nutteloze versiering (aldus Grote Pol) - 'het lijkt wel een envelop' (klopt!).
Van een oud hoeslaken waar alleen op bilhoogte gaten in zaten, en waarvan ik al dertien zakdoeken en een knokige-knieënkussentje voor in bed had gemaakt, maakte ik hoezen voor de binnenkussens en die vulde ik weer met overtollige hoofdkussenvulling (kapok). Allemaal natuurlijke materialen.

Dat vind ik dan zo leuk, hè. Dat je voor zoiets unieks helemaal niets hoeft te kopen, dat je een bruikbare bestemming hebt voor de zooi die je niet weg wilt of kunt doen en dat je van zo'n ordinair gebruiksvoorwerp zoiets nostalgisch weer veel plezier kunt hebben. De cirkel rond.
 
Ik kan trouwens gemakkelijk nóg twintig kussens van die dekens maken. Maak ik er een handeltje van. Hartstikke hip!

zaterdag 25 januari 2020

Van mattenkloppers en een grijze, grijze dag

Het had zo'n mooi verhaal kunnen worden. Het tranentrekkendste verhaal van W.G. van der Hulst zou er niets bij zijn. Een verhaal dat zich zou afspelen in de striemende regen, of nee, mooier nog, met knerpende sneeuw onder mijn versleten schoenen (met gaten erin) en een zachte sneeuwbui met dansende vlokjes die over zou gaan in een woeste sneeuwstorm.
Maar vanmiddag was het grijs weer, zonder veel wind, en zeker niet bitter, bitter koud.

Het had een verhaal kunnen worden over een lange, kronkelige zandweg, met karrensporen en hoefgetrappel. Voorbijrijdende koetsjes met giechelende meisjes van adel en een norse koetsier, hondenkarren met ferme jongens met een zweepje en een enkele boer met kruiwagen.
Ik reed weliswaar over zandwegen, maar dan met bandensporen van de SUV's en de stationwagens van de importbevolking die de oude vervallen keuterstulpjes al jaren geleden omtoverden in moderne comfortabele woonboerderijen met loft en carport en ingebouwde sauna.

Het had een verhaal kunnen worden over bezembinders, touwslagers en wagenmakers, maar ik kwam ze niet tegen. Wel kwam ik langs Gertje, die elk gewenst fiets-, brommer- of scooteronderdeel altijd moeiteloos kan vinden in zijn enorme brikkenberg.

Een stoomlocomotief met meterslange zwarte rookpluimen had ook zo mooi geweest, op het oude kippenlijntje. U moet het doen met een wazige Stadler-Flirt, die bijna geruisloos voorbij zoefde.

Ah, maar in dit verhaal zit dan weer wel een echte draaiende molen, sprokkelhout en klepperende klompjes. Want in het dorpje waar ik een mattenklopper ging kopen, lopen de kinderen nog regelmatig op klompjes. Niet op kinderkopjes, maar klepperen doen ze ook op een gewone stoep. En ik hoorde ze wel, maar zag ze niet en ik had toch ook geen foto durven maken, want ik ben een verslaggever van niks.


Weet u wat? Er zit ook een echte mistroostige ezel in het verhaal. Een ezel met een verdrietige voorgeschiedenis die hij mij zachtkens snuif-balkend toevertrouwde. En in zijn lieve ogen kon ik het allemaal zo voor me zien.

Het flakkerende kaarslicht en de rokende schoorsteen ontbreken hier nog, maar ziet nu toch, hoe deze (pannenkoek)boerderij met haar fleurige rode luiken en gastvrije ontvangst een baken van hoop had kunnen zijn op mijn barre tocht, waar ik mijn natte voeten had
kunnen drogen aan het zacht knapperende haardvuur! En waar ik een kroes warme anijsmelk toegeschoven zou krijgen, om daar mijn bevroren handen omheen te krullen. Och, het had zo mooi kunnen zijn.


Het is wel een verhaal, waarin eigenlijk niets gebeurt, maar dat begreep u al, over een tocht naar een piepklein winkeltje verder, alsmaar verder, in een dorp twee uur gaans van ons knusse huisje. Een piepklein boordevol winkeltje waar ze nog mattenkloppers verkopen. En honderden klompen (naar wens beschilderbaar), allerhande handwerkartikelen, beugeltasjes, boerenkielen, klep- en kniebroeken, bretels en wat al niet. Een winkeltje in de vorm van een C, om het woongedeelte heen gevlijd. Zo'n nerinkje dat al eeuwen bestaat en ook al eeuwen met straffe hand geleid wordt door een kranig oud vrouwtje, zo'n heel oud vrouwtje, beetje krom, klein, knotje dat alles in de smiezen houdt. U ziet haar vast voor zich (ik had zo graag een foto van haar willen maken, maar ik durfde alweer niet).
Dat is mijn fiets, daar!


En hier eindigt dit verhaal dan abrupt. Want thuisgekomen bleek onze oude mattenklopper nog gewoon in de kolenkast te liggen.
Och, het had zo mooi kunnen zijn...
Maar wie weet? Misschien ga ik de klopper binnenkort wel ruilen en heel, héél misschien is het dan wél W.G.-van-der-Hulst-weer...