zondag 31 januari 2010

Nog één en een kwart mouw....

.... van Grote Pols trui met Noors inbreigedoe, op pen 2 1/2, móet klaar zijn voor 21 maart (want dan is de winter afgelopen - dat spreken we af) en dan is het tijd voor een nieuw projectje:

zaterdag 30 januari 2010

Vondst 00.002

Parapol heeft zijn metaaldetector en hij bazuint het rond: 'Ik heb een pistool gevonden!'
En dat is waar.

Hij vond ook nog een plaat van echt zink -dacht ie, en die zou best wel eens hoogstwaarschijnlijk met grote zekerheid van een vliegtuig uit de wijde WO II kunnen zijn. Maar op MP stonden toch heel andere modelletjes van pantserplaten van vliegtuigen uit de wijde WO II te koop. Dus die vlieger ging niet op. Nog niet. Want hier vlakbij is onlangs een onontplofte granaat gevonden en ietsje verderop een lichtbom. Dus Parapol gaat binnenkort iets Heel Belangrijks vinden uit de wijde WO II. Iets waar we al die tijd met onze neus bovenop hebben geleefd en dat gelukkig in de tussentijd niet plotseling is ontploft.

Maar Parapol baalt ook. Want er ligt sneeuw en dan kan hij én niet crossen én niet lekker metaaldetectoren. Gelukkig heeft hij best nog wat te doen binnen. Huiswerk maken bijvoorbeeld.

Update:
Vondst 00.006: een stuk kippengaas waar Parapol minstens een halfuur voor moest graven. Kunstpol: 'Die broer van mij is nu echt gek geworden...'

vrijdag 29 januari 2010

Hilversum 3 bestaat allang niet meer

Mijn keel lijkt op een lange lap extra grof schuurpapier waar een kolonie mieren kriskras overheen banjert, praten, slikken, hoesten en gewoon stil zijn doen pijn, mijn ogen staan scheel van de hoofdpijn, mijn neus lijkt een kilo te wegen, zit potdicht en schrijnt, het snot wil mijn oren uitbarsten, zodat mijn trommelvliezen zo strak als een uh... trommel voelen, maar toch drong vandaag nog iets tot mijn zintuigen door.
Iets waar ik zelfs blij van werd.

Op weg naar school fietste ik langs twee mannen van de plantsoenendienst. Ze waren hard aan het werk. Dat stemde me natuurlijk al vrolijk, want dat zie je niet vaak. Maar er was meer. Eén van de mannen zong luidkeels zijn eigen lied. Het was prachtig. Het swingde de struik uit. Leek rechtstreeks uit zijn hart te komen. Het was pure soul, of blues, maar het had ook wat jazzy's en zou ook nog een traditionele negro-spiritual zijn. Of een lied uit de bushbush van Afrika.

En de hele dag wilde ik ook weer kunnen zingen. Gewoon, een liedje bij mijn werk. En af en toe galmend door de schoolgangen lopen. Maar dat ging dus niet (ik slikte in plaats daarvan paracetamollen, kauwde op dropjes en zuchtte nog eens diep).
Laten we, als we niet verkouden zijn, allemaal weer gewoon wat meer gaan zingen, neuriën, fluiten of galmen. Ongeacht zangtalent en toonvastheid. Ongeacht stemming of emotie (je kunt ook de blues zingen!). Op de fiets naar de markt, bij het was ophangen en onder de douche. Ongeremd los gaan.

Lijkt me gaaf.

dinsdag 26 januari 2010

Een groot poëet

Kunstpol probeert het leven te vieren. En dat lukt aardig. Behalve als hij iets moet doen. Meestal dan. Gisteren moest hij een gedicht maken voor Nederlands en uiteindelijk deed hij dat zelfs met plezier. Maar het ging wel over de vrijheid, het leven en de liefde. Over Don't worry, be happy.


maandag 25 januari 2010

Actie is reactie

Kunstpol heeft echt een heeeeeel zwaaaaaaaaaaaaaaar leven.

Dat u het even weet.

Hij moet namelijk elke avond wel iets aan iemand aanreiken aan tafel. Elke avond. Iets aanreiken.
Dus. Echt een zwaaaaar leven.

En wij, van de overkant van de tafel, pakten het vanavond niet meteen aan.

Maar Kunstpol komt op voor zijn rechten! Gelukkig maar, anders was zijn leven ondraaglijk zwaaaaaaar.

'Jaaaaah. ACTIE-IS-REACTIE, HÓÓR!.......
Zit ik hier als een gék te werken om alles voor elkaar te krijgen. Pakken ze het niet eens aan!
Jaaaaaaah. Pffffffff.....'

zondag 24 januari 2010

De Strijd om de Gnoe

Er woedde een stille verbeten strijd in het op het oog zo vredige Huize Pollenstein.

Inzet was een onschuldig gnoetje. Een gezellig, roze zwijnachtig diertje dat Parapol ooit speciaal voor zijn lieve moedertje gekocht heeft op een schoolreisje. Toen ie nog klein en schattig was. En zíjn moeder net toevallig de liefste van de hele wereld was.
Dat gnoetje stond jaren rustig op zijn gezellig vaste plekje. Tot er twee Gigantische Pubers in Huize Pollenstein op het toneel verschenen. De gnoe werd gepromoveerd tot break-dancekoe.

En hij moest telkens op zijn voorpootjes enge kunstjes doen van die Gigantische Pubers. Waarbij op zijn snuitje moest steunen om nog enigszins zijn evenwichtje te kunnen bewaren. Maar door het lieve moedertje kwam alles telkens weer op z'n vier pootjes terecht.
Telkens weer zetten de GP's het gnoetje in zijn onhandige en oncharmante positie en telkens weer herstelde het lieve moedertje dit. Het moedertje plakte wanhopig stilletjes kleine bolletjes kneedgum onder zijn pootjes, zodat de GP's weerstand zouden ondervinden, ze zette in het holst van de donkere nacht het gnoetje op moeilijk toegankelijke en bijna onvindbare plekjes, maar de GP's bleven met manische ijver hun afschuwelijke werk doen. Daar hielp geen lievemoederen aan.

Tot vanavond. De verhitte strijd verhevigde zich plotseling en het kwam tot een grimmige veldslag, waarbij het gnoetje het onderspit moest delven. In de strijd sneuvelde zijn linkerhoorntje en beide partijen kwamen met een enorme schok tot bezinning. Ze hadden spijt van hun wandaden en rouwden om het verlies van het zo geliefde hoorntje. Plechtig werd de vrede getekend en om die te bezegelen aten ze er een caramelblokje op. En ze leefden nog lang en gelukkig, al bleef het nog lange tijd onzeker in welke stand het gnoetje de dag zou doorbrengen.


Naar alle waarschijnlijkheid binnenkort: Vuilnisbakkenstrijd tussen Grote Pol en Purperpol. Inzet: de deksel van de afvalbak (die moet altijd open: zo handig / die moet dicht, want open: zo onhygiënisch, ongezellig, 'het heurt niet zo' en het is vies).

zaterdag 23 januari 2010

Incorrecte vragenlijst

Geef de correcte antwoorden en ga voor de hoofdprijs.

1. In een stoel liggend liedjes van Bob Marley half neuriënd zingen is actief bezig zijn.
Juist /Onjuist

2. Grote Pol heeft een zwaarder leven dan ik (lees voor een weloverwogen antwoord) eerst zijn blogje).
Juist/Onjuist

3. Het is normaal dat slapende mannen keiharde ...(hier stond eerst een woord, maar Grote Pol had bezwaar. Waarom eigenlijk? Ik heb het toch helemaal niet over hem?)  laten.
Juist/Onjuist

4. Een elektrische deken is voor watjes.
Juist/Onjuist

5. Uitverkoren zijn voor een jongerenenquete van de gemeente is een eer en een goede zaak, je kunt eindelijk je stem laten horen, en dus vul je die zonder morren in.
Juist/Onjuist

6. Als je alleen een jonger broertje hebt, vul je geen in bij de vraag: Hoeveel broers of zussen heb je?
Juist/Onjuist


7. Bij de middelbare school hoort huiswerk en daar moet je Altijd Heel Moeilijk over doen.
Juist/Onjuist

8. Chocolade is een eerste levensbehoefte voor elke vrouw.
Juist/Onjuist

9. Af en toe nieuwe gordijnen, dekbedovertrekken of plantjes, een nieuw verfje op oude meubeltjes en een andere indeling van bijvoorbeeld een kast is belangrijk. Voor een vrouw. En haar man moet daar maar aan wennen. En het valt nog best heel erg mee, want er zijn vrouwen die......
Juist/Onjuist

vrijdag 22 januari 2010

Over het verband tussen brommertjes, pothelmen, metaaldetectors, wibra-ondergoed en Elia de Tisbiet

Dit is echt een onzinblogje. Je kunt nu nog stoppen met lezen. Het is in hoge mate absurd, vraagt het een en ander aan bijbelkennis en het is sterk anti-Wibra gericht. Je bent gewaarschuwd!

Zo af en toe is het absurditeitsgehalte in Huize Pollenstein hoog. Gigantisch hoog. Het gesprek aan tafel verloopt dan sterk associatief en het kan ons niet gek genoeg worden.
Parapol vindt het onbegrijpelijk dat ik wat tegen metaaldetectors heb. Hij is vast van plan er één te kopen en wil er dan Goede Werken mee doen. Daarom moeten we ook op vakantie naar De Ardennen of naar Normandië, want daar ligt volgens hem nog het een en ander aan gevaarlijk ontplofbaar materiaal onder de grond. Van de wijde wereldoorlog nog. Dús.
Ik schetste al eens dat ik mensen met metaaldetectors zielig vind. Maar van de week sloeg mijn mening zogenaamd radicaal om en verkondigde ik bij het nuttigen van de hutspot dat ik best met Parapol samen met onze metaaldetectors eropuit wil. Ik zag het al helemaal voor me:
Op zo'n oud rammelend, krakkemikkig tufbrommertje (Zündapp), bijeengehouden door touwtjes, bandjes en elastiekjes, op onze hoofden pothelmen, met op ons brommertje ook nog allerlei gevulde plastic zakken gebonden en Wibra-ondergoed dragend (in de ogen van de puber is dat iets onvergeeflijks).
Hierop had zelfs Parapol in eerste instantie geen antwoord. Zijn moeder was gek geworden, dat was de enige zinnige conclusie. En vervolgens ging hij er maar in mee, want tegen zoiets ingaan, dat doet zelfs een puber niet.
Het werd dus, ook tijdens de yoghurtronde, hoe langer hoe gekker.
En toen was ook het toetje op en werd het tijd voor een stukje uit de bijbel. Ik las voor uit 2 Koningen 1. Waarin de koning vraagt naar een beschrijving van de man die de boden tegenkwamen. En ik kon het weer niet laten. Ik las vers 8 voor: 'Hij was sterk behaard, droeg een pothelm en hij droeg een lendendoek van de Wibra.' En de koning wist dat het de Tisbiet Elia was.
Onze Parapol heet dus eigenlijk niet Parapol, maar Elias, moet je weten...

En wij lachten en verheugden ons zeer.

dinsdag 19 januari 2010

Mede mogelijk gemaakt door

Kunstpol komt tevreden thuis van catechisatie. Dat is op zichzelf al een wonder.
Hij heeft daar namelijk een leuke opmerking gemaakt, waar de 'leiding' zo om moest lachen dat ze het op haar blog zou zetten. En dat vindt Kunstpol wel leuk. Natuurlijk niet als ik het op mijn blog zou schrijven, dat is inmiddels alweer zo gewoontjes. Nee, dat een relatief vreemde Kunstpols opmerkingen zo waardeert, dat doet hem goed. Kunstpol is me er één. Die wordt nog eens cabaretier. Dan lachen er lekker heel veel relatief vreemden om hem.

Nou.
En wat zeidie dan? Kunstpol deed er verslag van.
Het ging over bidden. Hoe het kwam dat we kunnen bidden. En het cluppie twaalfjarigen kwam er met hun twaalfjarige kennis maar niet uit. Nou, en toen zei Kunstpol zoiets als: 'Dit gebed werd mede mogelijk gemaakt door Jezus.'
Maar op het blog van de leiding staat het vast weer anders, want daar zeidie het in de try-out. En Kunstpols grappen veranderen nog wel eens. Net als die van een echte cabaretier.

maandag 18 januari 2010

BARST!

Het lijkt vanavond wel of ik een barst in mijn hoofd heb. En dat is maar goed ook, want mijn hoofd loopt over. Anders zou het er allemaal in blijven koken en borrelen en pruttelen en zou er misschien uit-ein-de-lijk stoom uit mijn oren komen.
En da's niet handig.
Wat er dan overloopt? Nou ja, stelt eigenlijk niet zoveel voor.

Van die dingen.

Van hoe laat je dan eigenlijk naar bed zou moeten gaan. Dat negen uur echt te vroeg is, maar kwart voor tien weer te laat.
Van hoe je van de Haagse hopjes uit de snoeptrommel kunt afblijven.
Van of je ook een streng dieet moet gaan volgen, net als je Grote Broer. Die dus van de hoofdpijn af is en ook van inmiddels een heel aantal kilo. Dat zijn de voordelen. Maar geen gebakjes meer. En kaas. En Haagse hopjes. En gewoon brood en sperziebonen. Dat zijn de nadelen. Dus.
Van hoe vervelend het is om het gevoel te hebben dat je telkens maar aan het overleven bent en veel te veel tijd en aandacht voor me, myself and I te hebben. En veel te weinig voor de mensen om me heen. Ver weg en dichtbij.
Van of je een stom boek nog moet uitlezen. Ik ben al over de helft, dus het is ook zo dom om nog te stoppen.
Van waarom je niet eerder eraan dacht gewoon te stoppen met dat boek.

Van die dingen. Niks om je druk over te maken. Hah.

zondag 17 januari 2010

Kruisbestuiving

Jawel, jawel. Grote Pol is gepromoveerd tot gastblogger. Op het mooie, altijd verrassende  en interessante blog van Pascale, waarop zij vanaf nu regelmatig ruimte biedt voor gastsprekers, staat een verhaaltje,
nee, een column,
een vlammend betoog,
een vurige tirade
van zijn hand. Klik en lees maar eens!

Mooi is dat. Grote Pol schrijft graag, goed en veel, maar nooit meer voor mij. Vroeger ja. Liefdesbrieven, - kaartjes, -kattebelletjes. Maar nu dus nooit meer. Nu lees ik zijn liefde voor mij onder andere uit het koken van het eten, uit het poetsen van de badkamer (?), zijn eeuwige geduld en een bijna altijd luisterend oor. En af en toe een kruisje onder een mailtje.
Ook fijn, natuurlijk.

Maar ik zal hem eens een kaartje sturen, misschien krijg ik een kaartje terug.

zaterdag 16 januari 2010

Keuzemenu

De Polletjes bakten gebroederlijk pannenkoeken. Die hadden we namelijk al een hele tijd niet gegeten. En het werd dus de hoogste tijd, volgens Parapol. Grote Pol en ik hadden geen zin in pannenkoeken en aten dus niet mee.



Wij hadden andere plannen.


Uit de krochten van de berging diepten we ons fonduepannetje op (let op het design!) en brouwden weer eens een ouderwets kaasfonduemengsel. Zwitserse. We trokken nog net onze geitenharenwollen sokken niet aan. En ook niet de bruine met oranje schapenwollen gebreide vesten met enorme houten knopen. Het spinnewiel staat nog spreekwoordelijk op zolder en ook de lavalamp is veilig opgeborgen. De druipkaarsen in de wijnflessen zijn we vergeten aan te steken.
Volgens Kunstpol is alleen de chocolade uit Zwitserland lekker. En hij gaf ons een wijze les: 'Want waar kennen we Zwitserland nou van? Van de CHOCOLADE en NIET van de kaas. Denk maar aan wat de buitenlanders zeggen als je Holland zegt. KAAS. Dus.'
Kortom, belachelijk, zo'n Zwitserse kaasfondue. Daar dachten wij fundamenteel anders over. Es hat uns sehr geschmeckt.

En nu is het Schluss. Ik ga even jodelen in de sneeuw.

vrijdag 15 januari 2010

Jeugdsentiment op jonge leeftijd

De Polletjes, amper droog achter hun oortjes, hebben nu al jeugdsentiment.
Ach. Ze zijn erfelijk belast, vandaar.

Ze smelten bij het zien van hun eigen baby- en peuterfoto's.
Kunstpol, die gespierde spijker, geen grammetje vet op zijn ganse lijfje te bespeuren, kijkt trots naar de foto waarop zijn babybolle wangetjes, zijn gulle babysmile, de kneepjes in zijn armpjes en de vetrolletjes op z'n polsjes te bewonderen zijn.

En de grote Pollen smelten mee.

Parapol lacht zich rot om de foto's van hem en vriendje D., met toen al de ultieme deugnietenblik op zijn boeventronie.

En de grote Pollen lachen (besmuikt) mee.

De Polletjes zijn eigenlijk nog steeds een beetje boos om het weggeven van hun eerste fietsje. Dat zou namelijk een perfect crossfietsje geweest zijn.

Maar de grote Pollen zijn allang blij dat we 'maar' zeven fietsen bezitten.

Het weghalen van de oude totaal verroeste schommelstandaard, een jaar geleden, leverde bij de jongens een acute aanval van heimwee naar 'die goeie ouwe tijd' op.

En de grote Pollen denken met weemoed terug naar het eindeloze schommelplezier van de Peuterpolletjes.

De letters op de slaapkamerdeur mogen er nog lang niet af, want 'daar ben ik aan gehecht.'

De grote Pollen vinden het nog best wel schattig staan, maar denken ook bezorgd wat de pubervrienden van de Polletjes hiervan zullen denken.

Maar van de week barstten we alle vier aan tafel in sentimenteel gezang uit.We zwolgen gezamenlijk en haalden nostalgische herinneringen op over een veelgelezen geweldig prentenboek met cd. Oliebol tot Krentenkoek, door Koos Meinderts. De gedichtjes, op muziek gezet door Harrie Jekkers, konden we bijna allemaal nog exact nazingen. De cd is nog te koop, het boek is lastiger te vinden, maar zeer de moeite waard. Zeker voor kinderen van 4 tot 7. Bij elke letter van het alfabet een liedje, een gedichtje en een illustratie. Bij de N de tophit in huize Pollenstein:



Nina No zegt altijd nee

Zet je koffie, wil ze thee
Braad je kip, wil ze konijn
Schenk je bier dan wil ze wijn
Geef je yoghurt, wil ze vla
Nina No, zeg nou eens: ja

Nina No
Nee, nee
Zeg nou eens: ja
Nee
Ja

En over tien jaar zwelgen alle Pollen weer, als we ons herinneren hoe we tien jaar geleden konden zwijmelen bij het ophalen van herinneringen van nog weer tien jaar eerder. En ik zweer dat we dan weer uitbarsten in een euforisch jubelend zingen van de liedjes van Oliebol tot Krentenkoek.

donderdag 14 januari 2010

Computermannetje

Omdat ons leptoppie steeds vaker slakkerig gedrag vertoonde, gingen we ons oriënteren op een nieuw en fris computertje dat gewoon meteen zou doen wat we zouden vragen. Daarvoor lieten we een mannetje komen.
Zo'n typisch computermannetje. Nu zijn er wel meer typen typische computermannetjes. Maar dit was wel type 1 (met stip).
Kenmerken:
- dikke buik,
- bij tijd en wijlen onverstaanbaar,
- sterke goedkope aftershavelucht,
- laat koffie koud worden, maar drinkt hem uiteindelijk toch op,
- onbegrijpelijk taalgebruik, ook al zeggen ze dat ze ook Jip- en Janneketaal kennen,
- begint ook over televisieschotels en -antennes en/of aanverwante artikelen, daar 'zitten ze ook in',
- blijft altijd te lang kletsen (onbegrijpelijk kletsen dus, voor ons dan).

Uiteindelijk kochten we via hem een nieuw leptoppie. Computermannetje is hier nu drie keer geweest en inmiddels begrijp ik hem een beetje. Versta ik hem een beetje. En da's best heel handig. Maar ik word nog steeds doodmoe van hem. En van ons nieuwe leptoppie, want die die is nog niet zo veilig en vertrouwd als ons ouwe trouwe leptoppie. Want wil je bijvoorbeeld een e met een streepje erop maken, dan wil die dat niet. En ik wil dat wel altijd heel graag. Heeeeeeel graag.
Dat is dus nog maar een (1, dus) voorbeeld.

En zo blijft er altijd wat te zeuren en te mekkeren.

dinsdag 12 januari 2010

Odie, Rody en Coky

Onze buurman heeft drie hondjes. En die heten dus Odie, Rody en Coky. Of zoiets.
En ze hebben ADHD. Of zoiets. Ze zijn in elk geval Alle Dagen Heel Druk.
En bang. Daarom blaffen ze. Ze overblaffen hun angsten. Of zoiets. Ze zijn bang voor het donker, maar moeten dan toch een plasje doen. Ze zijn bang voor de sneeuw, maar ze moeten toch beweging hebben. Ze zijn bang voor een boom die dan opeens voor hun natte neusjes staat. Of ligt, omdat ie omgevallen is door een of andere storm.
En ze zijn bang voor Grote Pol. Maar moeten toch aan hem snuffelen. Grote Pol is ook een beetje bang voor hen. Maar ze zijn zo dom, dat ze dat niet eens door hebben.

Buurman is dol op zijn hondjes. Hij heeft zelf ook minstens ADHD. En hij is ook bang, want hij blaft graag. Bijvoorbeeld als hij 's avonds laat zijn Odie, Rody en Coky uitlaat. Want dan zijn ze zo bang dat ze gaan blaffen en dan moeten ze dus stil zijn. Dat blaft hij dan terug naar ze. En dan blaft hij ook nog even dat hij bang is dat de buren wakker worden. Maar hij blaft ook dat hij Coky een schatje vindt en Odie een poepje. En Rody, de jongste van het stel, is de lieve baby. En dan blaft ie dat de dames weer naar binnen moeten. Soms noemt hij ze theetantes. In een heel goede bui.

Maar midden in de winternacht schreeuwt hij zacht. Want om half drie moet Rody ook vaak een plasje doen en dan laat hij Rody los buiten en als Rody dan zijn angsten voor het donkere buiten, de bomen en de sneeuw heeft overwonnen, ook gezien heeft dat Grote Pol niet in de buurt is en eindelijk zijn plasje heeft gedaan, durft hij blijkbaar ook niet meer naar binnen. Dan klapt de buurman in zijn handen. Maar zacht. En hij fluit tussen zijn tanden. Ook zacht. En hij mompelt zachtjes dat Rody het dan maar zelf moet weten. Maar om half drie 's nachts hoor je dat dus allemaal vijfhonderd keer harder dan de bedoeling van de buurman was.

Verder is het een beste vent.
Hij bood zelfs aan om een dagje te ruilen. Ik zijn hondjes, hij mijn Polletjes. Hij dacht dat ik dat wel lekker ontspannend zou vinden.
Ik dacht het niet.

zondag 10 januari 2010

Het idee van schone zus

Mijn schone zus blijkt toch zo commercieel ingesteld ;) dat ze op bestelling en voor GELD ook een persoonlijke nooitmeerkoudehandensjaal wil maken voor jou. Maar mijn schone zus blijkt ook zo lief dat ze het goed vindt dat ik een foto plaats. Of drie.
Doe ik er nog een warme aanbeveling bij: je kunt met de ingebouwde wanten ook goed fietsen!
Enne.... bestellingen gaan via mij, ook al ken je mijn schone zus persoonlijk, dan strijk ik nog wat provisie op. Zelfs ik blijk dus nog ergens een spoortje commerciële instelling te hebben!
Alleen wat jammer nou dat ik niet van die duidelijke foto's kan maken. (Héél jammer, dus bestel die sjaal nou maar gewoon!)

De uiteinden van de sjaal zijn dus van dubbele stof. En in de bovenstof stik je een wantvorm. Een linker aan de ene kant, een rechter aan de andere. As simple is that.




Maar mijn schone zus kan het als de beste. She rules!


Bitterzoet

Kunstpol vraagt: 'Waarom heet jouw blog eigenlijk Purperpol? Je had het beter Pillenpol kunnen noemen.'

zaterdag 9 januari 2010

Structopaat

Grote Pol roept vanuit de gang: 'Kunstpol, ruim je laarzen op, ze staan nog steeds midden in de gang!'
Kunstpol, anders Altijd Verschrikkelijk Chaotisch, mompelt: 'Ja, ja, dat doe ik straks, ik werk vandaag in alfabetische volgorde en ik ben nu aan het Afdrogen.'

vrijdag 8 januari 2010

Nooit meer koude handen


Mijn schone zus maakte voor mij een fleecesjaal van drie meter lang in vrolijke kleurtjes (dat haalt je vale, bleke gezicht zo lekker op) en ingebouwde wanten. Voor als je dacht nog-even-naar-de-winkels-te-gaan-voor-een-klein-boodschapje wel zonder handschoenen te redden op een willekeurige dag in een willekeurige winter.

Ideaal. Zo'n sjaal, maar ook zo'n schone zus...

donderdag 7 januari 2010

Pedagoochemerd

De Polletjes willen graag eens uit eten. Zij vinden een snackbar het einde. Wij niet. Maar ach, ze mogen van ons best een keertje zo'n uitspatting beleven. Maar we koppelen dat natuurlijk wel aan een 'goed doel.' Kunstpol mag als hij thuis tien keer goed heeft doorgegeten bij hoge uitzondering een keer een Frietje van Pietje. Parapol moet natuurlijk mee. Maar hij eet al goed door en we kunnen geen streefdoel voor hem verzinnen.
Ik: 'Tja, jouw opvoeding is blijkbaar al afgerond!'
Parapol: 'Nou, maar ik ben nog niet klaar met jullie...'

woensdag 6 januari 2010

Zittend kampioen Zitten....(tja)

Kunstpol heeft een onderdeel van de wintercompetitie van de sportschool gewonnen! Onze Tarzan, aka gratenpakhuis, aka gespierde spijker met indrukwekkend ontluikend sixpack, heeft het voor elkaar. Het onderdeel was ZITTEN. En dat kan Kunstpol als de beste. Dat bewijst hij ook hier elke dag weer. Hij hield het op de sportschool zelfs glansrijk langer vol dan de in de ogen van Kunstpol legendarische, überfitte en bloedfanatieke M.P.
Prijs: een bidon.
Met opdruk.

En hier een instructiefoto. Kijk hier zo'n zeventien minuten naar en je weet hoe lang Kunstpol het volhield. En hoe spannend en indrukwekkend dat was. En doe het daarna maar eens na.

Overigens is het wachten nu op de clubkampioenschappen 'hangen voor de kachel', dat kan Kunstpol nog veel beter......

Nogmaals Oud & Nieuw


dinsdag 5 januari 2010

Zorgen

Parapol: 'Je maakt je weer zorgen omdat moeders zich altijd zorgen maken. Dus maak jij je telkens nieuwe zorgen. Maar dat hoeft dus helemaal niet.'

Goed.
Prima.

Ik zal het niet meer doen.

Nou. Mmm.
Niet over verdwenen fietssleutels, te korte lange broeken, te koude schoenen en te weinig patat.
Om te beginnen.

zondag 3 januari 2010

Stukje ontrafelen

Vorig jaar op 2 januari zat ik 's avonds op de bank. Op de tafel voor me lag een enorme berg pillen, gehaald bij de apotheek. Die middag hadden we te horen gekregen dat ik inderdaad SLE heb en dat mijn nieren behoorlijk aangedaan zijn door de ziekte. En dat ik meteen, diezelfde dag nog, moest gaan slikken. Slikken of stikken. Er lag dus een heel aantal vrolijkgekleurde doosjes voor me, met nog vrolijker gekleurde pillen. Prednison bijvoorbeeld (liefelijk zachtroze). Het middel waarover ik al maanden riep: 'Ik vind alles best, als ik maar niet aan de Prednison hoef.' Ik kreeg maar liefst zestig milligram per dag te slikken. Vier maanden lang die enorme dosis. En nu moet ik nog minstens vier jaar tien milligram per dag blijven slikken voor ik echt mag gaan afbouwen.
Die eerste maanden heb ik doorgedouwd. Ik sliep amper, had hallucinaties, was ziek van het verwerken, van de ziekte zelf, van de medicijnen. Bleef toch fulltime werken, tot ik geveld werd door gordelroos. Maar ik voelde me die eerste maanden ook heel erg gedragen. Rustig van binnen. Door Gods liefde, door de zorg en aandacht voor ons van de mensen om ons heen.

En nu ben ik nog steeds aan het slikken. Nog steeds een hele berg medicijnen, nog wat middeltjes 'voor erbij', maar ook aan het slikken om de ziekte nog weer anders te accepteren in mijn en vooral ook ons leven.
Steeds meer ben ik aan het toegeven aan de ziekte. Aan de beperkingen. Stap ik weer een drempeltje over en lever weer wat in.
Het voelt nog steeds als heel hard werken om te overleven, maar langzaam hoop ik ook weer nog meer te kunnen gaan genieten, wat op te bouwen. Maar het is ook allemaal paradoxaal. Wel van alles willen, maar van alles niet kunnen. Cognitief alles kunnen plaatsen, emotioneel dat niet kunnen. Zo rustig als ik toen was, ben ik niet meer. Zo verdrietig als ik toen was, ben ik gelukkig ook niet meer. Ik heb veel minder last van de bijwerkingen van de medicijnen.
Ik ben gaan bloggen door de ziekte, op 9 januari postte ik m'n eerste stukje: moe is moe. En inderdaad, bloggen is leuk. Het is het afgelopen jaar goed geweest voor me. De reacties op mijn stukjes en andere blogs vind ik heerlijk om te lezen en de digitale knuffels na een 'zielig logje' helpen me. Maar het persoonlijke contact met mensen helpt beter, dat wel, daarin heeft onze koningin gelijk.
Nou ja. Wat wil ik hiermee? Gewoon even terugblikken op een moeilijk jaar. Om zo een frisse doorstart te maken. Ik hoop de interne warboel nog wat verder te ontrafelen, op nieuwe perspectieven en op het schrijven van nog heel veel nieuwe blogjes!

zaterdag 2 januari 2010

Humor om te lachen?

Wie zoekt er nog scenarioschrijvers voor de nieuwe avondvullende Kabouter Plopfilm? Ik heb er hier drie in de aanbieding. Gratis af te halen.

'Ik richt een nieuwe partij op. Lijst 4: Frikandellen van Piet voor twee euro.'

Jahaaa, echt leuk hè?

'Wil je de kaassschaaf en het mesje erbij? De zogenaamde kaassessoires...'

Lachen! (Dit soort grappen hoor ik dus gemiddeld 548 keer per dag.)

Als Parapol vraagt om een koekje of snoepje, is het antwoord van Grote Pol vaak kort: 'Fruitschaal!' Als Grote Pol zegt honger te hebben en vraagt hoe laat we gaan eten, zegt Parapol: 'Fruitschaal!'

Ha. Ha. Ha.

Man, man, wat een humor hebben ze.

vrijdag 1 januari 2010

Gisteren haring, vandaag een baby'tje

Gisteren móest ik haring. Het was in de aanbieding bij Appie, dus dat kwam mooi uit.
Vandaag wil ik zo graag een baby'tje vasthouden. En ruiken. En uren naar kijken. En knuffelen. Dat wil ik wel vaker, hoor. Net zoals ik wel vaker zo'n zin in haring heb, maar da's toch wat anders.
Een baby'tje dus. Een heel jonkie. Dat nog niet lachen kan en een beetje scheel voor zich uitstaart. Ik wil er best een uur of wat voor zorgen. Kan de moeder een potje slapen of zo. En de vader de vuurwerkzooi buiten opruimen. Dus dat is fijn voor ze.
En niet een kind van een wildvreemde, nee, van iemand die ik wel ken.
En waarom?
Zou het te maken hebben met het nieuwe jaar?
Of als groot contrast met mijn oma die vandaag 97 jaar is geworden?
Of omdat het vandaag de doopdag is van Parapol?
Omdat je in zo'n baby'tje zo mooi de grootsheid van de schepping ziet?

Ja. JA! Om alle bovenstaande redenen.
Ik ken alleen niemand met een pasgeboren baby'tje. Maar het vreemde is dat het verlangen alleen ook al fijn is. Wat is het prachtig dat de mens het vermogen om te verlangen heeft! Echt Groots!!!